Onze ogen

We hebben allemaal onze jonge
oude ik nog in ons hoofd
De jongen, het meisje,
dat staarde, verlangde
hoopte, wanhoopte
En achter onze ogen
nu nog onze wereld deelt

Wat zichtbaar ouder wordt
is nog altijd jong van binnen
Van buiten getekend, grijs
gerimpeld, de wereld gewend
Kijkt nog altijd die jongen
dat meisje mee
Kijkt mee naar buiten

Dat kind is nu een vriend van ons
Een oude vriend die nooit
verrast is door wat wij vinden
Maar nog altijd jong genoeg
om met verbazing mee te kijken
met wat onze ik van nu
elke dag daar in die wereld ziet


Foto: Astrid den Haan, Schilderij: Andrej Zadorine

Ik spreek hier voor ons allemaal en weet niet of dat terecht is. Zo niet, goed of slecht, dan mist u iets.

Peter Noordhoek

Rellen

Als verveling frustratie wordt
Je zat bent van elke rotkop
Plat ben van het liggen
in je stinkende kot
En je je niet wil schikken in je lot

Dan rap je, rap je
naar de straat
trap je, trap je
naar blauw op straat

En kick je, kick je, keihard,
naar wat je niet naar buiten laat
niet naar je makkers, je girls
toe laat

gedaan met je lockdown
gedaan met wat me is aangedaan
Ik heb hier niet om gevraagd
hebben ze jou soms iets gevraagd?

ik hou scherven in mijn handen
Hou de scherven in mijn hart

 

De muren je plat slaan
En jij ook wil plat slaan

Peter Noordhoek


Holocaust herdenking

De Talmud zegt:
een woord is één munt waard
Een stilte twee

En elke naam is een stilte
een woord en nog
een stilte waard

Vooraf, de stilte van verwachting
van hoop, de voorzetting
door generaties heen

Dan na de geboorte het woord:
de klank die beeld en daden
hoorbaar maakt, de naam geraakt

En dan de stilte van het niet meer zijn
woorden bij het afscheid
STIL, stil, stil gehoord

Tsja

Zo zou het moeten zijn
Mag het moeten zijn

Maar soms moeten namen
juist opnieuw worden gehoord

om wat uit onze stad is opgehaald
afgevoerd, vervoerd en vermoord

En daarom zijn op onze Goudse straten
in stilte, woord en Stolperstein

hun namen steeds opnieuw te horen
gaat geen woord of stilte verloren

Peter Noordhoek

Gedicht geschreven naar aanleiding van de Holocaust herdenking op 27 januari 2021

Peter Noordhoek is dichter zonder dat zo te hebben bedoeld. Voor ‘echte’ dichters heeft hij altijd een groot ontzag gehad, maar zelf heeft hij moeite zich zo te zien. Hij ziet het meer als een soort ‘zingend proza’, waarbij het inhoudelijk best diep kan gaan, maar de woorden te volgen blijven. Verder kenmerkt zijn werk zich o.a. door een voorkeur voor bijzondere thematiek: gedichten over werk (‘organisatiepoezie’), gedichten over kerst en nieuwjaar, over clichés, over politiek en bestuur en andere invalshoeken die buiten de gebruikelijke thematiek vallen.

Omdat zijn periode als stadsdichter nagenoeg geheel samenvalt met Corona is ook daar een bundel over. Hij meest koestert hij de dichtroman ‘Over de rand’. Op een dag verzamelde hij alle gedichten die hij tot zijn 28e geschreven had, legde deze op volgorde van een mensenleven en liet een oude man vertellen hoe de gedichten zijn leven beschrijven.

Inmiddels is het nodige van zijn hand verschenen. Op www.peternoordhoek.nl staat een uitgebreid overzicht, inclusief meerdere bundels van zijn hand. Deze bundels zijn ook te downloaden of verkrijgbaar via Uitgeverij MeerdanNu.

Goverwelle

Wie kan mij over Goverwelle vertellen?
Wie was Goejan en hoe werd hij Gover?
Wat waren wellen en hebben we er
daar nog steeds mee te stellen?

Ach, het is slechts historie
Echo’s van vroeger glorie
Relevanter is de vraag:
Wat is Goverwelle vandaag?
Hoe laat het zich kennen?
Een mooie wijk, maar moet je
er niet heel erg wennen?

Goverwelle is een Goudse wijk
waarin nog alles is wat het lijkt:
in zes wijken gebundeld huizenstraten
geringd door dijk, rails en groen
dicht op elkaar gebouwd
meest voor jonge stellen
met voor kinderen altijd iets te doen

Ooit deel van het plaatsje Stein
waar ooit Erasmus ter klooster ging
Ooit bijna de plek waar volgens plan
menig gevangene de bajes in ging
Nu de plaats waar mensen hun
gewone goede dingen doen:
wonen, werken, even groeten
in ’t winkelcentrum boodschappen
doen en voor de ontspanning
fietsen en wandelen in ’t Steinse Groen

Peter Noordhoek

Mannen mogen Melden

Kleding bedekt veel
De pijnlijke arm
onder de lange mouw
De beurse plek
onder de losse rok
Bewegen blijft lastig

Kleding bedekt veel
Make-up minder
Poeders doen wel wat
Lippenstift niets
Wimpers laten los
De mond blijft strak

Haren helpen ook
zolang ze lang zijn
Het gezicht kan even
worden afgewend
Maar ogen helpen niets
voor wie kan zien

Willen wij mannen het wel zien?
Melden wij wanneer nodig?
Voor de vrouw van de vriend?
Voor de vriendin van de coach?
Voor de gedoofde vlam 
van een al te sterke schoft?

Ook mannen kennen angst
Maar dat zou niet de angst 
om te melden mogen zijn

Peter Noordhoek

Gedicht bij ‘Orange the World 2020’

Internationale campagne

tegen Geweld tegen Vrouwen

op verzoek van Soroptimisten en Zonta Gouda