Als we 2 minuten stilzijn

Als we twee minuten stil zijn dan denk ik aan:

De soldaten die gedwongen moesten vechten.

Aan alle mensen die zich verzetten tegen het onrecht.

Aan alle mensen die verplicht een ster moesten dragen.

Aan alle angst die mensen voelden als ze ondergedoken zaten.

Aan een brief die nooit meer gelezen werd.

Aan de vrouw die voor eeuwig op haar man wacht.

Aan alle moeders die hun kinderen hebben moeten achterlaten.

Aan alle kinderen die zonder vader moesten opgroeien.

Aan alle vaders die hun kinderen moesten missen.

Aan alle jongeren die van de een op andere dag hun vrienden kwijtraakten.

Aan alle mensen die zogenaamd anders waren dan de rest.

Ik denk aan vroeger, ik denk aan nu.

Ik denk nog aan zoveel meer.

Puck Spoel

Dodenherdenking 4 mei 2026

De tirannie verdrijven

Soms mompel ik zacht ’t Wilhelmus
maar eigenlijk zouden we het moeten schreeuwen
in plaats van ongemakkelijk zelfbewust.

“de tirannie verdrijven die mij mijn hart doorwondt.”

Iedere dag loop ik in de Krugerlaan
En iedere dag zie ik de namen staan
In kleine bronzen steentjes op de grond

De namen heb ik zo vaak gelezen dat ik ze ken.
Bettina. Mirjam. Hugo. Herbert. Lewkowicz.

Op een dinsdag vertrok de trein naar Westerbork
Op vrijdag waren Bettina, Mirjam en Hugo dood.
In de armen van mama de gaskamer in gedragen.
Dat was in die jaren het lot van een Jood.

Herbert dacht dat ze terug zouden keren.
Wachtte dagelijks op bericht
Smaller en witter werd zijn toch al spitse gezicht.
Hij heeft nog negen maanden moeten wachten
Voor hij zijn kinderen weer in de armen sloot.

Hij maakte een omslag voor een fotoboek voor haar
“Mirjam” staat er gestileerd op de voorpagina.
Ze werd nog net geen drie jaar.
Van Hugo is er nooit een foto gemaakt.
Hij werd stil in Auschwitz. Huilend en naakt.

Ik kijk door het verleden naar het gezin op de hoek
Ik blader door een fotoboek
En ik huil dwars door de woorden heen
Er zijn nooit meer genoeg woorden
Ik ben alle begrip verloren
Voor mensen die mensen vermoorden

Soms mompel ik zacht ’t Wilhelmus
maar eigenlijk zouden we het moeten schreeuwen
in plaats van ongemakkelijk zelfbewust.
“de tirannie verdrijven die mij mijn hart doorwondt.
en nooit meer nieuwe bronzen stenen in de grond.

Chris Bellekom

Stadsdichter van Gouda

4 mei 2026 – Dodenherdenking – Sint Jan

Tot hier en niet verder

We wandelen tot hier en niet verder.
Hier is het graf. Hier staan de namen.
Hier zingt het koor.
Hier vallen de tranen op de Markt.
We bukken. We buigen. We strompelen.
We dragen de doden met ons mee.


Wij wandelen traag en zwaar en zij aan zij,
in lange rijen diepe stilte.
We zijn motten naar een vlam.
We zijn bijna ondragelijke harten naar een vlag halfstok.
We sjouwen. We slepen. We worstelen.
We dragen de doden met ons mee.

Ik draag mijn deel doden met me mee.
Het leven dat ik heb is mijn getuigenis.
Dat deze doden eer verdienen.
Deze mensen die zeiden “Tot hier en niet verder”.

Deze mensen die zeiden “Tot hier en niet verder”:
Neergeschoten door een bezetter
met een gericht nekschot en verdwaalde kogels.
Vergast en afgevoerd.
Huilend en ver van huis
gevoerd aan de moordmachines.
Geofferd op het hakblok
van fascisme, communisme of kapitalisme.
Mensen die vrede stichtten in vreemde oorden
of rondliepen met verboden woorden.
Gebombardeerd, verhongerd, vastgezet,
Door bermbommen doodgebloed en doodgeslagen
Geblinddoekt voor een vuurpeloton gezet.

Ik draag de doden met mij mee.
Het leven dat ik heb is mijn getuigenis
Ik stel mezelf twee minuten lang de vraag.
Waar ik dit leven voor op zou geven
om gedragen te worden door wie hier nu nog is.

Chris Bellekom

Stadsdichter van Gouda

Voorgedragen tijdens de bijeenkomst voor de Dodenherdenking in de Sint Janskerk te Gouda

4 mei 2025

Vrijheid vertelt

ik worstel met de doden in mijn hoofd
en al hun verhalen

vorig jaar heb ik de Tweede Wereldoorlog begraven
dus vertel ik wat ik hoorde

dit is het verhaal van de jongen
die op Java een kuil heeft gegraven
om een locomotief te verstoppen
dit is het verhaal van de man
die met de Spelbrekers uit Amersfoort brak
naar Rotterdam sloop en sliep in een kolenkit
dit is het verhaal van de vrouw
dit is het verhaal van de stad
dit is het verhaal – mijn verhaal
dit is het verhaal van de leraar
die soms niet weet hoe ik dit kan vertalen
hoe ik jongeren de wereld moet duiden
als we het nieuws hebben gezien

wat betekent dit nooit meer
nooit meer oorlog
nooit meer doden
nooit meer haten
nooit meer praten
over een ander
als een zwakker minder mens

ik weet niet aan wie jij straks denkt
maar vandaag wordt niemand vergeten

wie je ook bent, wie je ook kent
samen denken wij aan iedereen

en na de stilte zijn wij er nog
kunnen wij onze buren
onze vrienden vragen
wie zij de vrede wensen

en schrijven wij
voor alle mensen
een nieuw verhaal

en niemand wordt vergeten.

Jeffrey van Geenen

Stadsdichter van Gouda

ter gelegenheid van 4 en 5 mei 2024

4 mei gedicht

Het verleden kijkt ons toe
De soldaten die stierven voor een land voor vrijheid
laten hun ogen verwachtingsvol op ons rusten
De moeders en dochters en broers en vaders hebben hun hoop in onze handen gelegd
Omdat zij weggevoerd zijn van hun thuis
Verzetshelden groot of klein rekenen erop dat we hulp zullen bieden aan wie dat nodig heeft omdat zij het niet hebben overleefd
Hun tranen zijn onze regen

Het verleden kijkt ons toe
De ontelbare ogen van toen zijn op ons gevestigd
Triest omdat er nog steeds oorlog wordt gevoerd en ze verwachtten dat we hadden geleerd
Van hun fouten maar dat hadden ze verkeerd
Levens zijn gesneuveld voor een vrijheid die nu is
De tijd verlangt van ons dat we die niet zullen vergeten

4 mei 2024, Brecht Boekraad

(zonder titel)

(zonder titel)

dat iemand
in de trein stapt
naast iemand anders gaat zitten
een familiefoto tevoorschijn haalt
en vertelt
dat de foto een nagedachtenis is
aan weggevoerde geliefden
op wie lang en vergeefs is gewacht
dat er bij diegenen die nooit zijn teruggekeerd
een kruisje is aangebracht

en dat iemand anders
dan geschokt vaststelt
dat er bij allemaal – op één na-
een kruisje is aangebracht

dat iemand
wijst dat zij dat meisje is
vrolijk jurkje
glimmende schoentjes
zonder kruisje
dat zij destijds veilig is ondergebracht
en op deze dag een lezing houdt
over de genocide
het vergeefse wachten
het aanbrengen van kruisjes
opdat wij niet vergeten

en dat iemand anders
dan zegt dat dit nooit
nooit meer mag gebeuren
dit uiteenscheuren
van onschuldige families
dat we niet zullen vergeten

dat iemand
die middag vergeefs
op iemand anders wacht

en dat iemand anders
op deze niet zomaarse dag
dan plotseling minutenlang stilstaat
zo intens bewogen stilstaat
dat haar dochters
glimmende schoenen
fleurige kleding
selfies gepost
ontredderd hun pas inhouden

en dat iemand anders
dan opstaat en zegt
dat we nooit mogen vergeten
dat de geschiedenis eeuwig rijmt
we altijd hebben geweten
dat in de rimpeling van een kleine leugen
de kiem ligt van een oorlog
dat Elohay Selichot
God van de vergeving
ons niet voor niets de rede heeft gegeven
en dat daarin het begin ligt
van de weg naar vrede

dat iemand
op een niet zomaarse dag
in de trein stapt
naast iemand anders gaat zitten
en een familiefoto tevoorschijn haalt

Hanneke Leroux

uitgesproken bij de Holocaust herdenking Gouda, 28 januari 2024

Gedicht bij het nieuws op 8 november 2023

Ik versta de doden vaak zo slecht
opa fluistert wat onhoorbaars
het portret van oma kijkt mij zwijgend aan

bij de heg zie ik een buurman
van vroeger staan
zijn kat geeft geen kopjes meer

-ik weet niet wat dat zegt

Ik kan wel honderd vragen stellen
de dode antwoordt weinig terug
’t is of een bioloog verzucht:

waren het maar dichters.

Waren het maar dichters geweest

dan konden bundels je vertellen
wat iemand met een blik bedoelt

hoe voor haar de leegte voelt
in een lijf dat niets meer weegt

maar oma blijft zwijgen
de wind waait fluisterwoorden weg
nieuwe buren planten ook dit jaar
een ooievaar naast de heg

hoe slechter ik de dood versta,
hoe meer ik houd van wie nog hier
het hart het klopt het trilt het beeft
voor hoe lief en hoe schoon en
hoe mooi alles,
alles,
alles
wat nog leeft.

Jeffrey van Geenen

Wat kan het kwaad

Wat kan het kwaad
wanneer wij vergeten
niet meer willen weten
wat er met wie is gebeurd

als we niet stilstaan
maar op weg naar baan of studie
over struikelstenen stappen en
gedenktegels niet lezen
want daar zijn er al zoveel van
en we komen tijd tekort

in al onze haast
verslijten de verhalen
tot er niets meer van beklijft
tot er niets meer overblijft
dan een oppervlakkige special
op tv
zo rond 4 mei

als wij geschiedenis vergeten
dan kan het kwaad

twijfel zaaien
woorden verdraaien
harten verstenen
schouders ophalen
om de verdwenen namen
de verdwenen verhalen

en ons slapend klaarstomen
voor de herhaling.

Jeffrey van Geenen
stadsdichter van Gouda

Uitgesproken bij de Holocaustherdenking in de stationshal, 29-01-2023

Herdenken in oorlogstijd

Als we oorlog herdenken
in een tijd van oorlog
dan slaat elke vergelijking
op hol of nergens op
En hou ik slechts vast
aan een klein groot besef
hoe mooi de zon schijnt
hoe mooi jij bent
Want daarin is al belegd
hoe tijdelijk alles is
hoe eindig alles is

Toch dank ik de herdenkers
die voor ons herdachten
wat herdacht moest worden:
de strijd van eerder
de offers van voorheen
het verdriet door wat eigenlijk
nooit gebeurd had moeten zijn

Of herdenken spijt voorkomt
en oorlog verdwijnen laat?
Wil je het antwoord werkelijk weten?
Zon verdwijnt, schoonheid vergaat en
herdenken komt natuurlijk altijd te laat
Maar dat herdenken ons
vooral in haar stiltes
iets over de waarde van elk leven
kan vertellen
Ja, zoveel wil ik stellen

Peter Noordhoek