Wat moet je doen als je de maan bent?

Wat als je nooit geleerd kreeg
Hoe je zelf schijnen kon
En je jaloers het licht weerkaatst
Van die altijd maar schijnende zon

Altijd door het licht van de ander
Nooit gaat het om jouw op- of ondergang
Wat als je enkel in het donker leeft?
Daar waar de meeste mensen bang

Weet dan dat je mijn nachtlampje bent
Zonder jou geen eb of vloed
En zonder jou geen schipper
Die in de nacht weet waarnaar hij varen moet

Weet dan: jij was een overwinning,
De schat, de prijs, de buit
Na jaren puzzelen en racen
Plantten ze hun vlag in jóuw koude witte huid

Dus als je hoofd weer malen gaat
Je denkt aan jouw nietszegggende bestaan
En als je hoofd dan weer balen gaat
Van jouw plek daar in die baan

Weet dan
Dat mijn lezen ooit met jou begon
Maan-roos-vis
En weet dan ook
Dat ik zonder jou niet slapen kon

En het liefste klim ik
Nog steeds met een trappetje omhoog
Zing ik daar heel zacht klein
Toch echt over jóuw schone maneschijn

Dus denk maar aan alle kindjes
En aan al die leven met hun pijn
Voel dan dat je genoeg bent, maan
Je hoeft er alleen maar te zijn.

Flox Verhulst

De zweefmolen

Doe waarvan je niet meer dacht dat je het kon.
Rijk je armen, voel de zon.
Laat je meevoeren door de wind.
Wees maar gewoon weer even kind.

Vind jezelf,
zingend, schreeuwend naar de wolken.
Zweef maar door de vliegende draaikolken
Blijf maar tollen, blijf maar draaien.
Blijf jezelf zwaaiend uitwaaien.

Kom te laat en laat het leven komen.
Droom maar al je stoutste dromen.
Zing in de lucht uit volle borst.
Les daarboven al je dorst.

Blijf maar zweven, lief.
Kom maar tot leven, lief.
Draai maar door om niet door te draaien.

Neem je tijd.
Voel je bevrijd.
En als het stoeltje ongevraagd tot stilstand komt,
maar het duizelt je alleen maar meer…

Weet dan:
Je mag gewoon nog een keer,
en nog een keer,
en nog een keer.

Flox Verhulst